Bestuurlijk Overleg Smart Mobility: meer impact maken door krachtenbundeling

25 juni 2019

‘Meer massa en meer impact maken met Smart Mobility.’ Dat was de boodschap die minister Cora van Nieuwenhuizen van IenW, gedeputeerden namens de twaalf provincies, wethouders namens de vijf grote steden en de beide metropool- en vervoerregio’s uitdroegen tijdens het Bestuurlijk Overleg Smart Mobility op maandagochtend 3 juni in Eindhoven.

De overheden gaan dit doen door meer onderlinge samenhang in hun aanpak en minder aandacht voor ‘testen’ en meer aandacht voor ‘toepassing’. Dit sluit goed aan bij de afspraken die de overheden eind vorig jaar maakten over Smart Mobility onder de noemer ‘Krachtenbundeling’. Daarnaast passen de conclusies ook bij de samenwerkingsagenda van het Landelijk Verkeersmanagementberaad, die gericht is op de rol van de wegbeheerder en samen effectief en efficiënt optrekken centraal stelt. 

Tijdens het overleg zijn gezamenlijke prioriteiten, ambities en samenwerkingsprincipes besproken om tot meer massa en impact te komen, om daarmee van Smart Mobility een echte ‘Dutch Reality’ te maken. Deze afspraken krijgen de komende periode verdere uitvoering en planuitwerking. Vijf punten uit het gesprek tussen de bestuurders:

Vergadering met de minister1. ‘We stoppen met de pilot-mania’

Niet in elke regio het wiel opnieuw uitvinden met een nieuwe pilot, maar geslaagde toepassingen breder inzetten. Bestuurders zijn het erover eens dat er in deze fase ‘massa’ nodig is. Gezamenlijk optrekken, duidelijkheid over ieders rol daarin, middelen bij elkaar leggen en trots en waardering halen uit slimme oplossingen die elders al werkten, zijn daarbij vereisten. ‘Van testen naar toepassing.’ De afgesproken samenwerkingsprincipes per krachtenbundel bieden hiervoor de basis.

2. ‘Asfalt is traag, Smart Mobility is de snelle weg naar impact’

In de politiek gaat de aandacht vaak uit naar de fysieke oplossingen, de zichtbare voorkant. Terwijl Smart Mobility juist veel werk aan de achterkant vereist. ’Ondernemers en inwoners begrijpen dat fysieke oplossingen, zoals het aanleggen van asfalt, zo maar 10 jaar kan duren en daarmee op korte termijn geen oplossing bieden’. Met Smart Mobility kun je op kortere termijn dagelijkse problemen oplossen. Communiceer dat duidelijk, zo ontstaat meer begrip voor Smart Mobility.

3. Meer prioriteit voor ‘Digitaal op orde’ en elkaar hierin helpen

‘Digitaal op orde’ is de basis voor vrijwel alle Smart Mobility toepassingen. Dat betekent onder andere data structureel op orde hebben, en het borgen van privacy en security. Hiervoor moet meer prioriteit komen. Het idee wordt besproken om digitalisering als harde randvoorwaarde te stellen, bijvoorbeeld door enkel subsidies/geldstromen ter beschikking te stellen als de basis ‘digitaal op orde’ is.
Veel overheden – zowel kleine als grotere – zijn momenteel echter niet in staat om deze klus te klaren. Er zal in werkprocessen, kennis en kunde moeten worden bijgespijkerd. Hiervoor moeten overheden elkaar helpen, bijvoorbeeld door ondersteuning te geven of digitalisering als dienst te verzorgen. Ook moet de juiste schaal en rolverdeling worden gekozen om dit goed te organiseren. De komende maanden werken overheden in regionale verbanden plannen uit om dit concreter maken.

4. ‘Minder Hinder’ op korte termijn organiseren en de ‘potjes bij elkaar leggen’

Juist in afwijkende situaties op de weg (bijvoorbeeld wegwerkzaamheden) biedt Smart Mobility uitkomsten. Borden met de mededeling ‘Navigatie UIT’ maken duidelijk dat hier nog een hoop te winnen is. Met de omvang van onze aanstaande bouwopgave en bestaande oplossingen voorhanden willen de bestuurders op dit onderwerp op korte termijn impact maken. Nu worden oplossingen veelal per regio/project georganiseerd, terwijl dit project- en regio-overstijgend moet worden gecoördineerd om massa te maken. Bestuurders zien het als plicht van wegbeheerders om dit goed te regelen. Dit is een goede casus voor concrete afspraken in het bestuurlijk overleg MIRT in het najaar 2019: we kunnen massa maken door de ‘potjes’, kennis en aanpak bij elkaar te leggen.

5. Gezamenlijke Human Capital Agenda

Om de gezamenlijke ambities en digitaliseringsopgaven waar te maken, zullen de organisaties ook moeten meegroeien. Het voorstel voor een gezamenlijke Human Capital Agenda kreeg veel bijval. Er volgde een oproep om hierin op korte termijn stappen te zetten. Dat kan door in kaart te brengen waar nu de knelpunten zitten, en hoe de lessen van samenwerkingsverbanden zoals Bereik! of SmartwayZ.NL gebruikt kunnen worden.

Meer informatie